Nu zijn we allemaal bij elkaar, in totaal met 9 Mzungu’s. Zoals iedereen weet levert dit ernstige logistieke uitdagingen op: wie gaat waar naar toe, en wie gaan er in de 4×4 jeep, waar in principe maar 5 zitplaatsen zijn. Dit hoeft echter geen probleem te zijn: we hebben meer dan genoeg voorbeelden hier gezien van hoeveel mensen er in 1 auto kunnen. Ik dacht dat die foto’s op Internet met veel te veel mensen (vaak uit India of Afrika) op/in 1 auto of vrachtwagen maar af en toe voorkwam, maar dat blijkt een vergissing.
Desondanks splitsen de groepen. Ik besluit ’s ochtends naar een Internet cafe te gaan om foto’s en films te uploaden. Maar helaas, internet doet het vrijwel niet, dus ik kreeg niet eens de kans de weblogs te uploaden, laat staan foto’s. Geld teruggevraagd, en gekregen. Misschien dat het nog lukt in Masaka, en anders kan het pas in Zuid-Afrika, waar ik vanaf maandag ben.
Daarna ga ik met Sander mee om de groep op te halen die aan het kijken is bij een project om de community te ondersteunen. We rijden zeker een half uur over een ernstig hobbelend zandweggetje, ik dacht dat ik al aardig in de rimboe was, maar het kan nog erger (of beter, net hoe je het bekijkt). Het is echter de moeite waar; het project waar we komen is opgezet door 2 Canadezen, die er praktisch wonen en op innovatieve wijze ondersteunende faciliteiten zoals een school, een dokter, een tandarts en een bibliotheekje opgezet hebben. Zo hebben ze bijvoorbeeld een eigen munteenheid bedacht. Je krijgt uitbetaalt in die munt als je op het land werkt, en die munten kan je vervolgens weer inleveren voor gezondsheidszorg. Hierdoor kan het verdiende geld niet voor iets anders gebruikt worden. Alles zag er uitstekend verzorgd uit, en we zijn erg onder de indruk.
We rijden door naar een ziekenhuis, waar ook vrijwilligers kunnen werken. Dit mooie ziekenhuis is gesponsord door Japan, en ziet er prachtig uit. Het verbaast me dat er maar 1 dokter is, maar wel meerdere behandelingskamers, maar het blijkt dat er een hoop assistenten zijn die ook allerlei handelingen kunnen verrichten. De enige dokter heeft niet bepaald een hoog praattempo, en een eigenaardige, maar wel grappige, vorm van humor. Ik pik een korte rondleiding mee, en kijk verder zelf rustig rond. Het ziet er prima uit verder, maar ik vind dit wat moeilijker op z’n waarde te schatten.
Terwijl we daar zijn komt Kim langs. Haar naam was al vaker genoemd door de andere vrijwilligers. Kim, een Nederlandse vrouw van eind 20, is ook aktief voor het ziekenhuis, en zij komt ook even kijken, samen met 2 andere Nederlanders: een journalist, en een 19 jarige avontuurzoeker die net 2 weken is geleden aangekomen. Met z’n allen besluiten we wat te gaan drinken en ik hoor het verhaal van Kim. Zij is vrijwilligerster geweest een paar jaar geleden, en heeft besloten om in Uganda te blijven wonen. Nu is ze bezig meerdere kinderen te adopteren. Dat is nog niet zo heel eenvoudig. Zo mag je als vrouw blijkbaar geen jongetjes adopteren en moet je 21 jaar ouder zijn. Ze heeft nu wel al 3 adoptiekinderen varierend van 2 tot 12 jaar, maar het proces moet nog afgerond worden. Qua woning woont ze zo basaal mogelijk, hetzelfde als de Ugandezen zelf, dus bijvoorbeeld geen stroom. Een email adres heeft ze wel maar die gebruikt ze niet zo vaak, handiger is om een echte brief te schrijven vertelt ze. Ik ben onder de indruk dat iemand van mijn leeftijd zo’n stap heeft genomen, het bekende voor het onbekende heeft ingewisseld en de luxe en voorspelbaarheid van het westerse leven verruild voor een onzeker bestaan in Uganda.
We branden echter volledig weg op het kleine terrasje dus nemen we afscheid van Kim en haar ‘aanhang’ en verhuizen weer terug naar de backpackers hostel in Masaka. Daar wacht ons een nieuwe verrasing: omdat het de laaste avond samen is met z’n allen op deze lokatie hadden Jeroen en Jetske (die er 4 weken gewoond hebben) samen met Jozef, de eigenaar en de rest van het personeel, een etentje verzorgd. Dat was echter boven in het nog in aanbouw zijnde deel, en door de kaarsen en verlichting en lokatie was het een sprookjesachtig geheel. Het hoofdgerecht was vis. Dat had ik niet vaak gegeten, maar dat moet ik duidelijk wel gaan doen, want ik at mn vingers er bij op. De vis was dan ook heel erg vers, die dag gevangen en bereid. Ik vond het hele eten prachtig en een hoogtepunt tot nu toe.
Dag Martijn, er ging iets mis, geloof ik. Geeft niet. We kunnen digitaal volgen wat je meemaakt al is dat natuurlijk niet echt zo. Anders hoefde je niet op reis te gaan en alleen maar blogs van reizigers te lezen. Ik wens je een goed vervolg op je reis en een behouden terugreis toe, Piet.